Wanneer men boos is, is het verstandig om de boosheid die men bezit gewoon toe te geven. Niet alleen in het dagelijks leven tegen collega’s en medemensen, maar zeker tegen de kinderen. Hierin is overdrijven een vak, maar het is wel een teken van duidelijkheid. Het kind zelf is gebaat bij structuur en zal hierdoor leren en, hopelijk, niet weer deze grens overschrijden. Kinderen kunnen daarin ook erg ver gaan, want wanneer er levensfasen aanbreken waarbij een kind opstandig wordt dan kunnen deze grenzen steeds dichterbij komen.
Men is zeer gebaat bij het uiten van boosheid, zeker wanneer dit gebeurd op een duidelijke manier waardoor een kind weet wat er fout is gegaan en dat dit niet meer mag gebeuren. De gebeurtenis mag dan ook niet herhaald worden en de beste manier is, naast de boosheid te uiten, een straf te plaatsen, maar ook bij goed gedrag een kind belonen.